Heeft u ooit Suske en Wiske-album 252, getiteld Volle Maan, gelezen? Wij wel. In dat verhaal – het is al bij al wel een aanrader – gaan onze twee vrienden kamperen in een dorpje in Limburg, dat bij elke volle maan geteisterd wordt door een hellebeest dat het vee van de boeren verslindt. Vanzelfsprekend gaat het hier om een weerwolf, die wordt getoond als een zwarte wolf met het formaat van een volwassen beer. Datzelfde beest, opgetrokken in weinig subtiele bits en bytes, vervult de rol van slechterik in Red Riding Hood, de nieuwste film van Catherine Hardwicke – dezelfde vrouw die drie jaar geleden de eerste Twilightfilm op u losliet. Maar laat ons hopen dat Red Riding Hood géén vervolg krijgt. We zouden er zelfs elke maand een big voor offeren.
Red Riding Hood is immers een misbaksel van een film. Scenarist David Johnson had zichzelf het ambitieuze idee in het hoofd gestoken om de weerwolvenlegende te koppelen aan het bekende sprookje van Roodkapje, en het resultaat is ronduit ridicuul. Al twee generaties lang leven de bewoners van het wouddorpje Daggerhorn in angst voor een weerwolf. Om te vermijden dat de wolf menselijke slachtoffers maakt, wordt er elke volle maan een big of iets dergelijks geofferd. Wanneer Lucie, de zus van Valerie (Amanda Seyfried), wordt gedood door het beest, hebben de bewoners er genoeg van. Een jachtpartij loopt nogal stevig mis, maar gelukkig is Father Solomon (een vreselijk slechte rol van Gary Oldman) in de buurt. Father Solomon heeft naar eigen zeggen al wat ervaring met weerwolven en illustreert dit met een verhaaltje over de poot van een weerwolf en de hand van zijn overleden echtgenote. Op exact dezelfde manier komen onze vrienden uit Suske en Wiske overigens achter de identiteit van de weerwolf in Volle Maan. Om maar te zeggen dat wij het verhaal van Paul Geerts een pak opwindender vinden dan dat van David Johnson en Catherine Hardwicke.
Bovendien voelen beiden zich genoodzaakt – om het geheel nog wat belachelijker te maken – om niet één, maar twee subplots toe te voegen, in de hoop hun flauwe monsterverhaaltje wat interessanter te maken. IJdele hoop, zo blijkt. De eerste subplot gaat over de keuze die Valerie moet maken: volgt ze de wil van haar moeder en trouwt ze met Henry (Max Irons, de zoon van), de plaatselijke smid en populairste vrijgezel van Daggerhorn? Of volgt ze haar hart, en trekt ze eropuit met jeugdvriend Peter (Shiloh Fernandez), die weleens de weerwolf zou kunnen zijn? (Maar niet heus: al vanaf minuut één wordt dat zo duidelijk gesuggereerd, dat de begrijpende kijker meteen weet dat hij het zeker niet is.) En de tweede subplot hadden we al vermeld: het verhaal van Roodkapje, met mandje, huisje en grootmoeder erbij. Waarom Hardwicke en Johnson er met alle geweld het klassieke sprookje van de gebroeders Grimm bij wilden halen, is ons een raadsel, maar dat het voor hen belangrijk was, blijkt uit het feit dat ze er hun film naar hebben vernoemd (Little Red Riding Hood is de Engelse naam voor het sprookje). Laten we het hierbij houden: de bekende passage uit het vertelsel waarin Roodkapje vraagt: “Grootmoe, waarom heb je zulke grote oren?” is volledig van de pot gerukt.
Bovendien wordt Red Riding Hood bevolkt met bijzonder oppervlakkige personages en beschikt Hardwicke niet over acteurs die daar personen van vlees en bloed kunnen van maken. Shiloh Fernandez en Max Irons zijn duidelijk enkel en alleen gecast omdat hun looks wel eens meisjes van veertien jaar (we vermoeden dat zij de doelgroep vormen, maar we vrezen dat zelfs de Twilight-fanatiekelingen deze film maar niets zullen vinden) in zwijm zouden kunnen doen vallen, en niet omdat ze over acteerkwaliteiten beschikken. Gary Oldman hebben we nog nooit in zo’n lege, karikaturale en ronduit zwakke rol gezien, terwijl hij vroeger in z’n eentje Francis Ford Coppola’s Dracula naar een bekijkbaar niveau wist te tillen. De kleffe zinnen die hij uit z’n strot moet persen, helpen ook al niet om van Father Solomon een interessant personage te maken. En de scène waarin hij, in slow motion nota bene, met opgeheven zwaard en in volle galop op de weerwolf afstormt, hebben we al ontelbaar veel keer eerder en beter gezien (Braveheart, Gladiator, Lord of the Rings, … – u weet wel waar we heen willen). Voorts acteren ook Billy Burke, Virginia Madsen en Julie Christie, respectievelijk als Valerie’s vader, moeder en grootmoeder, er behoorlijk naast. Enkel Amanda Seyfried, die helaas ook een rol moet spelen die we al zo vaak eerder hebben gezien (het door en door goede, maagdelijke meisje dat bereid is zich op te offeren), en Lukas Haas (als de lokale pastoor) slagen erin om een prestatie neer te zetten waarbij je überhaupt van acteren kunt spreken. Om maar even te illustreren wat het niveau van deze film is.
De enige scène die wij een beetje de moeite waard vonden, is degene waarbij er een feest wordt gehouden omdat de (verkeerde, maar dat weten ze dan nog niet) wolf dood is. In die scène wordt er immers gedanst, gedronken, en gelald – en dus niet geacteerd – en dit gebeurt op de tonen van Fever Ray. De (met momenten sterke) soundtrack is dan ook de enige reden waarom wij bereid waren om Red Riding Hood alsnog één ster te geven. Maar laat dat geen reden zijn om de film te bekijken – geef uw geld dan liever aan een plaat van Fever Ray of aan Suske en Wiske 252, Volle Maan, in plaats van een bioscoopticketje voor Red Riding Hood, want het is de slechtste film van 2011. Of dat hopen we toch.
Ons oordeel: ★
Red Riding Hood / VS-Canada 2011 / Regie: Catherine Hardwicke / Scenario: David Johnson / Met: Amanda Seyfried, Max Irons, Shiloh Fernandez, Gary Oldman, Billy Burke e.a. / 100 min.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten